Video-interactiebegeleiding
De wetenschappelijk onderbouwde methodiek Video-feedback Intervention to Promote Positive Parenting of kortweg VIPP, is een observatietechniek die erop gericht is de interactie tussen pleegkind en pleegzorger te analyseren. Door je pleegkind op video te observeren, krijg je een betere kijk. Deze ondersteuningsmethode versterkt het positieve contact tussen pleegouder en pleegkind. .
Als het moeilijk loopt ...
Pleegkinderen hebben vaak een moeilijke start gehad. Het is voor hen niet zo makkelijk om jou als nieuwkomer in hun leven te vertrouwen. Dat kan teleurstellend zijn. Soms denk je: waarom zit er geen handleiding bij mijn pleegkind? Eentje waarin staat wat zijn behoeftes zijn, hoe ik hem kan aanspreken en helpen. Je krijgt het gevoel dat je het niet goed doet, dat je je pleegkind niet begrijpt, ondanks al je goede bedoelingen.
Extra ondersteuningsvorm
De video-interactiebegeleiding is een extra vorm van ondersteuning. Het is een methode om de kwaliteit van omgang en het positieve contact tussen pleegzorger en pleegkind te stimuleren. Onderzoek onderstreept immers het verband tussen de kwaliteit van omgang en de algemene ontwikkeling, taalontwikkeling, het IQ, de hechting en het gedrag van jonge kinderen.
Tijdens de huisbezoeken observeer je je pleegkind op video en bespreek je samen met de begeleider jullie interactie. We gebruiken daarbij deze wetenschappelijk onderbouwde methodiek Video-feedback Intervention to Promote Positive Parenting (VIPP). Na de ondersteuning kan je je beter inleven in de leefwereld van je pleegkind. Je krijgt inzicht in hechtingsproblemen en hoe je sensitiever reageert.
Wat is VIPP?
VIPP-FC is een methodiek die werkt met video-opnames van enkele contactmomenten tussen het pleegkind en de pleegzorger, gemaakt in de thuissituatie. Tijdens elk huisbezoek wordt eerst een video-opname gemaakt. Daarna worden de video-opnames van de vorige sessie bekeken. De pleegzorger en de ondersteuner bespreken de fragmenten en er komen verschillende suggesties en adviezen aan bod. De interventie wordt uitgevoerd door een getrainde ondersteuner.
Voor wie?
Deze ondersteuningsvorm wordt aangeboden aan pleegzorgers met jonge pleegkinderen (tussen 18 maand en 6jaar) die...
- hun kennis van opvoeding en ontwikkeling van jonge kinderen willen vergroten
- de signalen van hun pleegkind beter willen begrijpen
- gepast op deze signalen willen reageren
- lastig gedrag willen aanpakken
Praktisch?
- Het kennismakings- en eindgesprek voer je samen met je vaste begeleider
- Het traject duurt ongeveer zes maanden
- In totaal worden zeven sessies voorzien
- Tijdens de eerste sessie wordt enkel gefilmd. (ong. 1/2 uur)
- De volgende vier sessies vinden om de 2 à 3 weken plaats (ong. 1,5 uur)
- de laatste twee sessies (herhalingssessies) worden iets meer gespreid (ong. 1,5 uur)
- de sessies zijn individueel (telkens 1 pleegzorger en 1 pleegkind)
- de sessies gaan thuis bij het pleeggezin door
Andere interessante artikels
Jesse Van Venrooij over de documentaire Mama mag ik naar huis toe?
Jesse Van Venrooij maakte samen met Eline Van der Kaa de documentairefilm “Mama, mag ik naar huis toe?” Een film waarin zes mama’s met een kind in pleegzorg delen over de leegte die dat achterlaat, de schuld en schaamte die hen achtervolgen, en de angst om de band met hun kind voorgoed te verliezen. Tegelijkertijd laat de film zien hoe liefde en moed sterker kunnen zijn dan oordeel en pijn. We stelden Jesse enkele vragen over de film.
Vlaamse dialoogdag 18 oktober 2025
Op 18 oktober 2025 organiseerde Pleegzorg Vlaanderen een Vlaamse Dialoogdag Pleegzorg rond het recht op informatie.Tijdens deze dialoogdag gingen verschillende doelgroepen binnen pleegzorg en experten met elkaar in gesprek. De belangrijkste signalen die tijdens de dialoogdag werden verzameld, zijn samengebracht in een beleidsnota.
Conflict en verbinding
Toen de jeugdrechter zijn dochter aan een pleeggezin toewees, voelde Steven de grond onder zijn voeten verdwijnen. Hij voelde zich verraden, genegeerd en miskend. De kwaadheid zat diep: op de instanties, de wereld, de hulpverlening, het pleeggezin maar misschien ook op zichzelf. “Ze wordt van me afgepakt,” was de overheersende gedachte. Maar achter die gedachte school iets anders: een rauw en immens verdriet.