Vandaag aan de beurt in #wieispleegzorg: Tiny, pleegzorgwerker. In deze rubriek stellen we onze medewerkers aan jullie voor. Zo maken jullie kennis met de verscheidenheid, de warmte en het engagement dat onze organisatie kenmerkt. Want samen zijn wij pleegzorg. Lees zeker verder als je wil weten wat Tiny zoal doet!
7 jaar werkt Tiny nu als begeleider bij Pleegzorg Limburg, nadat ze voorheen altijd in de Nederlandse pleegzorgcontext had gewerkt. “Dat was behoorlijk aanpassen, want er zijn toch wel wat verschillen.” In Nederland sprak ze bijvoorbeeld nooit met een jeugdrechter, hier moest dat wel. In Nederland wordt ook meer ingezet op permanente evaluatie van pleegzorgers. “Dat mis ik hier soms wel”, aldus Tiny. “Het kan heel helpend zijn om jaarlijks even stil te staan bij wat goed en minder goed loopt.”
Het leukste aan de job vindt Tiny de variatie. Naast begeleidingswerk staat ze namelijk samen met een collega ook in voor de vormingen GRIP (‘GRootouders In Pleegzorg’) en traumasensitief opvoeden. “Toen ik gevraagd werd om dit te doen, heb ik impulsief ja gezegd. Ik besefte nog niet goed dat dit betekende dat ik voor groepen zou moeten spreken”, lacht ze. “Maar ik doe het enorm graag. En ondertussen is het voor een groep staan, al lang niet meer zo beangstigend.”
Binnen GRIP gaat Tiny samen met grootouder-pleegzorgers op zoek naar hoe ze die moeilijke rol kunnen invullen. Ze helpt hen zoeken naar de balans tussen verwennen en opvoeden. Bij traumasensitief opvoeden leert ze pleegouders meer over wat trauma is en hoe men achter gedrag van kinderen kan kijken. “Maar de giga meerwaarde van deze vormingen ligt vooral in het groepsgebeuren”, vertelt ze. “De her- en erkenning die men daar krijgt, is van onschatbare waarde.”
Het digitaal werken omwille van de huidige pandemie, valt Tiny wel moeilijk. “Ik mis verbinding. Ik wil kort bij de mensen kunnen staan.” Ons nieuwe gebouw vindt ze dan weer prachtig. “Hier ben ik heel graag”. Laten we dan maar hopen – voor Tiny, maar ook wel voor ons allemaal – dat het ‘normale’ leven weer gauw hervat kan worden. Zodat Tiny vaker in dat mooie gebouw kan komen werken en meer kan inzetten op verbinding. Want willen we dat tenslotte niet allemaal?
Andere interessante artikels
Jesse Van Venrooij over de documentaire Mama mag ik naar huis toe?
Jesse Van Venrooij maakte samen met Eline Van der Kaa de documentairefilm “Mama, mag ik naar huis toe?” Een film waarin zes mama’s met een kind in pleegzorg delen over de leegte die dat achterlaat, de schuld en schaamte die hen achtervolgen, en de angst om de band met hun kind voorgoed te verliezen. Tegelijkertijd laat de film zien hoe liefde en moed sterker kunnen zijn dan oordeel en pijn. We stelden Jesse enkele vragen over de film.
Vlaamse dialoogdag 18 oktober 2025
Op 18 oktober 2025 organiseerde Pleegzorg Vlaanderen een Vlaamse Dialoogdag Pleegzorg rond het recht op informatie.Tijdens deze dialoogdag gingen verschillende doelgroepen binnen pleegzorg en experten met elkaar in gesprek. De belangrijkste signalen die tijdens de dialoogdag werden verzameld, zijn samengebracht in een beleidsnota.
Conflict en verbinding
Toen de jeugdrechter zijn dochter aan een pleeggezin toewees, voelde Steven de grond onder zijn voeten verdwijnen. Hij voelde zich verraden, genegeerd en miskend. De kwaadheid zat diep: op de instanties, de wereld, de hulpverlening, het pleeggezin maar misschien ook op zichzelf. “Ze wordt van me afgepakt,” was de overheersende gedachte. Maar achter die gedachte school iets anders: een rauw en immens verdriet.