Ga verder naar de inhoud

Conflict en verbinding

27 mei 2026

Toen de jeugdrechter zijn dochter aan een pleeggezin toewees, voelde Steven de grond onder zijn voeten verdwijnen. Hij voelde zich verraden, genegeerd en miskend. De kwaadheid zat diep: op de instanties, de wereld, de hulpverlening, het pleeggezin maar misschien ook op zichzelf. “Ze wordt van me afgepakt,” was de overheersende gedachte. Maar achter die gedachte school iets anders: een rauw en immens verdriet.

Stap per stap vertrouwen opbouwen

"Het keerpunt kwam, toen ik besloot in een traject te stappen om mijn problemen aan te pakken. Die lagen op verschillende gebieden. Deels in mijn verleden, maar ook bij foute keuzes die ik maakte. Ik kan nu kijken naar mijn aandeel, mijn fouten en kwetsuren. OP een dag schreef ik een brief aan pleegzorg en de consulent van de jeugdrechtbank. Geen aanklacht, maar een poging om mijn kijk op de zaken te verwoorden. Dat heeft de deur naar gesprek weer geopend.”

Het was niet gemakkelijk. “Ik heb mijn dochter lang niet gezien. Dat was heel pijnlijk. Maar ik begrijp dat mijn woede veel kapot heeft gemaakt. Vertrouwen groeit traag. Toch is dat stapje per stapje teruggekeerd. En met dat herstel groeide ook mijn inzicht. Ik zie nu dat mijn dochter het echt goed heeft, waar ze woont. Ze is veilig en gelukkig. Dat is alles wat telt.”

Steven en Hope

Ik wil nooit meer in strijd leven

Hij glimlacht. “Als ik haar graag zie, kan ik haar onmogelijk wegtrekken uit het warme nest waar ze nu woont. Haar pleegbroertjes en -zusje zijn voor haar familie. Haar pleegmama zorgt met zoveel toewijding voor haar. Ik denk soms dat het me helpt dat er geen pleegpapa is die mijn plaats inneemt. Dat voelt net een tikkeltje minder scherp. Maar mocht die er ooit komen, dan hoop ik dat we in met respect met elkaar omgaan. Ik wil nooit meer in strijd leven.”

“Het inzicht dat mijn dochter beter bij haar pleeggezin kan blijven, heeft me in staat gesteld om een strijd neer te leggen. Dat zorgde enerzijds voor een soort opluchting, maar dat betekent niet dat ik er geen verdriet meer bij voel. Het heeft een soort andere kleur gekregen. Het is verweven met een zachte gerustheid en, dankbaarheid dat ze daar kansen krijgt die ik haar nooit zou kunnen geven. Ze krijgt een jeugd die ik nooit heb gehad. Dat besef doet iets met me. Ik ben dankbaar voor al wat haar pleegmama voor haar doet. Ik had nooit gedacht dat ik het zo zou verwoorden, maar ik ben diep erkentelijk voor wat haar pleegmama Hope allemaal geeft.”

Vandaag deelt Steven opnieuw kleine stukjes van zijn leven met Hope. “We bellen vaak, we doen uitstapjes. Ik wil dat ze weet dat ik haar papa ben en dat ze op me kan rekenen als op een beste vriend. Pleegzorg zie ik nu als iets hoopvols. Niet als het einde van mijn rol, maar als een nieuwe vorm ervan. Samen, elk op onze manier, helpen we Hope groot worden.”

Ze krijgt een jeugd die ik nooit heb gehad. Dat besef doet iets met me. Ik ben dankbaar voor al wat haar pleegmama voor haar doet.
Steven, papa van Hope die in een pleeggezin woont

Ik ben trots op mijn papa

Hope is komen aanschuiven. Ze is bijna tien en praat met de levendigheid van iemand die weet dat ze gezien wordt. “Overmorgen ben ik jarig! Papa en ik gingen vanmiddag naar een burgerrestaurant en we kochten samen make-up en gaan straks nog even naar de winkels in de stad. Het is een verwendagje,” vertelt ze met fonkelende ogen. “We bellen vaak, of we gaan trampolinespringen in een trampolinepark, soms gaan we wel eens shoppen of we doen uitstapjes die ik leuk vind. Ik ben blij dat papa ziet dat ik het goed heb. Met mijn pleeggezin ga ik soms op reis, ik heb broertjes en een zusje en ook een leuke tante, die me grappige verjaardagskaarten schrijft. Ik ben blij dat ik een veilig huis heb. Ik ga graag naar school en heb veel vriendinnetjes. Ik ben ook trots op mezelf dat ik durf op te komen voor anderen. Vroeger was ik verlegen, dat gaat nu beter.”

Hope is zich heel bewust van het feit dat het niet altijd zo goed liep met haar papa: “Vroeger was ik bang dat hij me zou weghalen omdat ik zíjn kind was. Nu weet ik dat hij dat niet zal doen. Ik ben trots dat hij zijn leven weer heeft opgebouwd.”

Steven is zichtbaar geraakt door wat zijn dochter hem zegt en werpt haar een knipoog toe. Hope besluit met een blik op haar papa: “Ik ben blij dat hij ziet dat pleegzorg goed is en wil graag dat andere mensen ook weten dat pleegkinderen hun zorgen kunnen loslaten. Pleegzorg is iets goeds.”

Andere interessante artikels

Jesse Van Venrooij over zijn documentaire Mama mag ik naar huis toe?
Getuigenis

Jesse Van Venrooij over de documentaire Mama mag ik naar huis toe?

3 juni 2026

Jesse Van Venrooij maakte samen met Eline Van der Kaa de documentairefilm “Mama, mag ik naar huis toe?” Een film waarin zes mama’s met een kind in pleegzorg delen over de leegte die dat achterlaat, de schuld en schaamte die hen achtervolgen, en de angst om de band met hun kind voorgoed te verliezen. Tegelijkertijd laat de film zien hoe liefde en moed sterker kunnen zijn dan oordeel en pijn. We stelden Jesse enkele vragen over de film.

Vlaamse dialoogdag 18 oktober 2025
Nieuws

Vlaamse dialoogdag 18 oktober 2025

27 mei 2026

Op 18 oktober 2025 organiseerde Pleegzorg Vlaanderen een Vlaamse Dialoogdag Pleegzorg rond het recht op informatie.Tijdens deze dialoogdag gingen verschillende doelgroepen binnen pleegzorg en experten met elkaar in gesprek. De belangrijkste signalen die tijdens de dialoogdag werden verzameld, zijn samengebracht in een beleidsnota.

Eline 4
Getuigenis

Eline Vermeulen, diversiteitsondersteuner bij pleegzorg

8 mei 2026

“Hallo, ik ben Eline Vermeulen, mijn voornaamwoorden zijnzij/haar.” Zo steekt Eline van wal als ik haar vraag zich even voor te stellen in het kader van een interview voor de week van de diversiteit. Eline is de ‘kersverse’ diversiteitsondersteuner bij pleegzorg voor de zuidelijke regio in West-Vlaanderen en duidelijk uit het juiste hout gesneden.