Niet-begeleide minderjarige vreemdelingen (NBMV)
Pleegzorg heeft al vele jaren ervaring met het opvangen en begeleiden van Niet-Begeleide Minderjarige Vreemdelingen (NBMV) in gezinsverband.
Toen in het najaar 2015 een grote toestroom van vluchtelingen ontstond, steeg ook het aantal niet-begeleide minderjarige vreemdelingen (NBMV) die in België hun toevlucht zochten. In diezelfde periode meldde een groot aantal burgers en gezinnen zich spontaan met het aanbod om een NBMV of zelfs een heel vluchtelingengezin hij hen thuis op te vangen. Vanuit de Vlaamse overheid werden projectmiddelen voorzien om die instroom te kanaliseren, de gezinnen voor te bereiden en nadien te begeleiden.
Het project “Geef de wereld een thuis” werd opgezet waarbij de diensten met een categoriaal aanbod voor NBMV (opvang in kleinschalige leefgroepen, begeleid zelfstandig wonen) en Vluchtelingenwerk Vlaanderen als belangrijke ondersteunende partners werden betrokken.
Geef de wereld een Thuis als projectvorm liep van 2016 tem 2018 maar wordt sinds 2019 integraal in de werking van de diensten voor Pleegzorg opgenomen.
In cijfers
De opvang van NBMV in pleegzorg in Vlaanderen en Brussel kent sinds 2015 een grote groei en het aantal pleegzorgsituaties voor deze doelgroep neemt jaar na jaar toe.
Wil je meer weten over de evolutie in de opvang van NBMV binnen pleegzorg? Bekijk hier de cijfers van 2016 tot 2022.
Andere interessante artikels
Slaap en pleegzorg
Slaap speelt een cruciale rol in de ontwikkeling van kinderen en is geassocieerd met leer-, gedrags- en mentale gezondheidsproblemen. Bij pleegkinderen komen slaapgerelateerde moeilijkheden vaker voor dan bij leeftijdsgenoten, en deze problemen blijken samen te hangen met zowel hun gedrag als met traumatische ervaringen uit het verleden.
Ondanks de impact is slaap een onderbelicht thema in pleegzorgonderzoek en praktijk. In deze nieuwsbrief wordt ingegaan op slaap binnen pleegzorg en worden aanbevelingen gegeven voor de praktijk.
Perceptie van pleegzorgers over probleemgedrag
Onderzoek toont aan dat tot 60% van de pleegkinderen gedrags- en emotionele problemen heeft. Pleegzorgers zijn meestal de eersten om lastig gedrag op te merken. Het is onduidelijk met welke factoren de inschatting over ondersteuningsbehoeften bij zichzelf en hun pleegkind(eren) samenhangt. In deze nieuwsbrief wordt nagegaan welke casus- en besluitvormersfactoren van invloed zijn op: 1) de beoordeling over de aanwezigheid van gedrags- en emotionele problemen; 2) de beslissing tot het ondernemen van actie (het zoeken naar extra ondersteuning).