Ga verder naar de inhoud

Gedeeld ouderschap: toen, nu en morgen

13 oktober 2026

De wereld om ons heen is voortdurend in beweging. In de rubriek ‘in het labyrint’ proberen we dat proces van verandering te vatten door stil te staan bij hoe de dingen vroeger waren, hoe ze er vandaag uitzien en blikken we vooruit wat de toekomst brengt. 

De evolutie van gedeeld ouderschap in pleegzorg

Het verschijnsel ‘zorg dragen voor andermans kind’ is zo oud als de mensheid, maar werd pas in de vorige eeuw geprofessionaliseerd in de vorm van pleegzorg als jeugdhulpverleningsmaatregel. Doorheen de jaren evolueerde ook de rol van de biologische ouders in dit hele verhaal. We nemen jullie even mee doorheen deze verandering. 

Vroeger: ouders op afstand

Lange tijd werd een pleegplaatsing vooral gezien als een (tijdelijke) vervanging van het gezin. Wanneer een kind in een pleeggezin terechtkwam, lag de focus voornamelijk op de zorg en opvoeding door de pleegouders. De biologische ouders bleven juridisch wel moeder of vader, maar kregen in de praktijk vaak een beperkte rol. Contacten waren meestal strikt geregeld en de samenwerking tussen ouders en pleegouders was eerder uitzonderlijk dan vanzelfsprekend. 

In die tijd werden ouders en kinderen tijdens de eerste periode na de plaatsing vaak niet met elkaar in contact gebracht. Men dacht dat kinderen zo meer tijd en ruimte kregen om zich te hechten aan het pleeggezin.

Vandaag: samen verantwoordelijk

De visie op pleegzorg is de voorbije jaren sterk veranderd. Er groeit steeds meer erkenning voor het feit dat ouders, ook wanneer hun kind niet thuis woont, een belangrijke plaats behouden in het leven van hun kind. Vanuit die visie ontstond het concept van gedeeld ouderschap of gedeeld opvoederschap: ouders en pleegouders werken samen rond de opvoeding en ontwikkeling van het kind. Beide partijen brengen hun eigen expertise mee. Ouders blijven de eerste ouders van hun kind; pleegouders nemen de dagelijkse zorg op zich. Onderzoek en praktijkervaring tonen aan dat een goede samenwerking bijdraagt aan het welzijn, de identiteitsontwikkeling en de stabiliteit van het pleegkind. 

Pleegzorg wordt vandaag minder gezien als vervangende zorg en meer als ondersteunende zorg. Daarbij gaat de aandacht naar het hele gezinssysteem: het pleegkind, de ouders, de pleegouders en hun eigen kinderen.

Men spreekt vaak over het creëren van een gedeelde wereld, waarin het kind niet hoeft te kiezen tussen zijn ouders en zijn pleeggezin, maar waarbij het de relatie met zijn ouders kan behouden én tegelijkertijd een relatie opbouwt met de pleegzorgers. 

Het belang van een goede samenwerking tussen ouders en pleegouders komt hiermee helemaal op de voorgrond te staan. Open en respectvolle communicatie is een belangrijke pijler van zo’n samenwerking, net als de juiste verdeling van rollen en verantwoordelijkheden tussen ouders en pleegouders. En dat vraagt voortdurende afstemming tussen beide partijen. 

Deze evolutie weerspiegelt zich ook in de verschuiving van ondersteunende pleegzorg (waarbij een kind of jongere tijdelijk in een pleeggezin verblijft om de thuissituatie te ontlasten) van een eerder beperkte, aanvullende hulpvorm naar een steeds belangrijkere vorm van preventieve gezinsondersteuning waarbij het versterken van het gezin en het welzijn van het kind centraal staan. 

Toekomst: van gedeeld opvoederschap naar echt partnerschap

Voor de toekomst ligt de uitdaging in het verder versterken van die samenwerking. Pleegzorgdiensten zetten steeds meer in op verbinding, wederzijds respect en gelijkwaardigheid tussen ouders en pleegouders. Er is ook meer aandacht voor begeleiding rond verlies, rouw en vertrouwen, zodat ouders hun rol kunnen blijven opnemen en pleegouders zich gesteund voelen in het delen van verantwoordelijkheid. Daarnaast groeit het besef dat ook de stem van het kind een centrale plaats moet krijgen in deze samenwerking. 

Waar vroeger vooral werd gekeken naar wie voor het kind zorgde, staat vandaag en in de toekomst steeds meer de vraag centraal: hoe kunnen alle belangrijke volwassenen rond het kind samenwerken als een team rond het kind, zodat het zich verbonden voelt met alle mensen die ertoe doen? 

Andere interessante artikels

Nieuwsbrief: De mening van kinderen over contacten met hun ouders in langdurige pleegzorg

Opvoeden

In het onderzoek “Children’s Voices on Parental Visits in Long-Term Foster Care” worden 14 kinderen tussen 6 en 16 jaar in perspectiefbiedende pleegzorg in Oost-Vlaanderen gevolgd over een periode van anderhalf tot twee jaar. Van elk kind werden twee bezoeken met ouders geobserveerd en drie interviews afgenomen (waarvan één samen met de pleegzorgbegeleider). Doel was om zicht te krijgen op hoe kinderen betekenis geven aan bezoeken, welke mogelijkheden zij hebben om deze ervaringen vorm te geven, en met welke beperkingen zij geconfronteerd worden.

Nieuwsbrief: Waarom vrijwilliger worden? Een overzicht uit de literatuur

Opvoeden

2026 is het internationale Jaar van de Vrijwilliger. In deze nieuwsbrief bespreken we de belangrijkste motivatie om aan vrijwilligerswerk te doen. Deze is gebaseerd op een recente systematische literatuurstudie van Mabille en collega’s. Zij vatten de resultaten van 44 onderzoeken samen over de motivatie van vrijwilligers uit verschillende landen en sectoren.

Zicht krijgen op de motivatie is belangrijk in functie van het werven, ondersteunen en behouden van vrijwilligers.